Tand des tijds


Hoe oud ik precies ben? Ik zou het niet weten. Jaren heb ik niets van mijn bestaan begrepen, ik was er één van zovelen. Vastgenageld aan de grond kon ik niets meer doen dan groeien en omdat de velen om mij heen dit ook deden reikte mijn zichtveld ook niet ver. Ook al had ik een doelloos bestaan, het was toch een traumatische ervaring om losgerukt te worden en naar een onbekende bestemming te worden gebracht. Ver buiten mijn zichtveld was er een briljante man die het goed met mij voorhad. Zonder van “mijn”  bestaan te weten schetste hij mij uit de vrije hand en kon toen ook niet beseffen dat hij mij zo’n prominente plek zou geven. De beste man is lang geleden overleden en zijn ontwerpen zijn beroemd geworden.  Over hem is veel te lezen en zijn bouwwerken trekken veel bekijks. Ja, als Berlage mij niet had geschetst, had mijn leven er vast anders uit gezien. Ik werd onderdeel van een werkverschaffingsproject en (In die tijd was het nog gewoon dat mensen aan het werk werden gezet als er geen baan voor handen was!) kreeg ik een plek middenin een kale vlakte. In de verte zag ik een stad en rondom mij werd hard gewerkt door tewerkgestelden. Het duurde nog zeker 13 jaar voordat ik doorhad wat mijn plekje was. Ik zou in mijn leven meer gaan meemaken en zien dan de schetsende meester ooit zou kunnen beseffen. Kon ik maar praten, dan kon ik jullie zoveel verhalen vertellen.
Jonge mensen die lang geleden, onder mij, hun eerste kus deelden en waarvan er nu nog maar één in leven is. Ik zie de rimpels en het intense verdriet van hen die jaarlijks nog even terug komen. Toen winters nog echte winters waren en de ondergelopen speelweide onder mijn veranderde in een schaatsbaan van ongekende grote. De kinderen die toen op hun ijzertje, achter een stoel, leerden schaatsen en nu met hun (achter) kleinkinderen in mijn schaduw komen picknicken. Ik luister met veel plezier naar hun verhalen over het verleden, berust op waarheden en levenservaring, daar tegenover de kleurrijke fantasieën van de kinderen. Maar ook die jonge vrouw, die elk jaar een bloemetje tussen mijn wortels neerlegt. Haar man klom jaren geleden in mij, in mij om zijn leven te beëindigen. Ik zie hem nog steeds in de vroege ochtend aankomen, zijn voetstappen bleven door de dauwdruppels op het gras nog lang zichtbaar. Ik wist wat hij ging doen maar kon hem niet tegenhouden. Ik heb ze allemaal zien komen, van deftige, statige, blanke mensen in dure kleding die zondags na de kerk gingen wandelen. De jonge gezinnetjes uit de omringende nieuwbouw wijken, die een balletje kwamen trappen of hun kroost leerden fietsen tot aan de multiculturele medemens die met grote gezinnen, in mijn luwte, voor heerlijkste barbeque walmen zorgden.

Van klassiek in een muziektent tot popmuziek vanaf enorme podiums. Van kleine gezelschappen tot ontelbare mensenmassa’s, die samen kwamen om feest te vieren, samen te genieten van muziek, culinaire hoogstandjes en andere prachtige evenementen. En weet je, ik had altijd het mooiste uitzicht. Ik heb de oorlog meegemaakt en delen van mij afgestaan om gezinnen te verwarmen. Ik heb een stad om mij heen zien verrijzen. Voetbalfans horen juichen en zien afdruipen als hun ploeg had verloren. Ik maakte mee dat er in het holst van de nacht brommertjes tegen mij aan werden gezet en stiekem de eerste blowtjes werden gerookt. Maar ook het verval en de wederopstanding van de plek die mij zo dierbaar is.

En niet zo lang geleden stonden er mensen naar mij te kijken, kijken omdat ik anders ben geworden. Door de jaren van ervaringen en de natuurelementen die ik allemaal doorstaan heb ben ik gaan veranderen. Mijn wortels hebben even niet meer de kracht die ik voorheen had, mijn kruin is even wat kaler dan zij gewend zijn en de uitstraling die ik altijd had is even weg. Het is alsof deze mensen niet zien dat ik in een overgang zit naar een nog krachtiger element en straks nog voor vele jaren prominent en vol trots aanwezig kan zijn. Nee, zij kijken alleen maar naar het nu en dreigen mij om te kappen, neer te halen om voor eeuwig een kale lege plek achter te laten. Kon ik maar vertellen dat ik niet in verval ben en mij alleen maar mooier en sterker wil maken. Sterker en mooier om er voor iedereen te zijn. Kon ik maar vertellen dat mijn wortels ook door invloeden van buitenaf even zo groeien dat mensen over mij struikelen. Kon ik maar vertellen, ja wat valt er nog te vertellen als men alleen maar kijkt en niet luistert, geen oog heeft voor het ontluikende moois wat er gaat komen.

Voor één keer kon ik, boom op de speelweide van het Zuiderpark, mijn hart luchten aan een echt mens dat ooit, heel lang geleden, tegen mij aan kroop als hij zich eenzaam en alleen voelde. Een mens van vlees en bloed, die net als ik ooit ontworteld is geweest. Een mens, volwassen en groot, die dit weekeind nog één keer tegen mijn bast vleide.

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.